Vergeving als wapen in Guantánamo Bay
- 4 min leestijd
‘Eigenlijk was ik mentaal al vrij,
terwijl ik fysiek nog vastzat’
De hele zaal was tot tranen toe geroerd na het optreden van Mohamedou Ould Slahi bij 24 uur in Bedrijf. Veertien jaar zat hij onterecht vast in Guantánamo Bay. Onder extreme stress leerde hij wat leiderschap, veerkracht en vriendelijkheid écht betekenen. Zijn verhaal werd verfilmd en hij werd ‘The Mauritanian’. Hoe koos hij voor vergeving in plaats van verbittering? We vroegen het hem in het nagesprek.
tekst: Colette de Vries
foto’s: Walter Kallenbach
“Mijn leven veranderde drastisch na een telefoontje dat werd gelinkt aan Osama bin Laden. Het gebeurde in de nasleep van de aanslagen op 11 september 2001. Korte tijd later werd ik thuis in Mauritanië opgepakt. Het was het begin van een lange, zware reis. Ik kreeg onterecht een doodstrafvonnis. Dat is ondragelijk, je voelt je compleet machteloos. Mijn eerste dag in Guantánamo Bay vergeet ik nooit meer. Schreeuwen had geen zin. Er was niemand om te helpen, niemand die me hoorde. Ik voelde me zó alleen en wist niet hoe ik mezelf moest redden. Acceptatie werd mijn eerste stap naar verandering. Want je kunt een probleem pas oplossen als je bereid bent het onder ogen te zien. Erkennen dat het er is. Schrijven hielp me daarbij. De pen werd mijn uitlaadklep en vriendelijkheid mijn wapen.”

Inmiddels leef je als vrij man. Wat was het meest wennen toen je terugkwam in het gewone leven?
“Mijn vrijheid begon vier jaar geleden toen ik in Nederland aan kwam. Ik werd met open armen ontvangen. De eerste dag kreeg ik slechte koffie uit een automaat. Voor mij werd dat de geur van vrijheid. Ik worstelde met bureaucratie: geen telefoonnummer zonder bankrekening en geen bankrekening zonder telefoonnummer. Ik ontdekte dat frustratie ook een teken is van vrijheid. Inmiddels woon ik in Amsterdam. Een fijne plek omdat er minder Nederlanders zijn dan buitenlanders. Iedereen kan hier zichzelf zijn. Ik wil niet leven in een maatschappij waar iedereen zich moet aanpassen aan de heersende mores.”
We leven in een tijd waarin mensen steeds meer tegenover elkaar staan. Wat kun je ons leren over de dunne lijn tussen ‘ons’ en ‘hen’?”
“Slimme mensen leren van alles en iedereen. Gemiddelde mensen leren van hun ervaringen, dat ben ik. Domme mensen denken alles al te weten. Ze oordelen zonder veel kennis van zaken. Maar we kunnen mensen niet beoordelen buiten hun eigen context. Dat is niet eerlijk. Mensen die zelf pijn hebben ervaren, kunnen vaak makkelijker vergeven. Juist mensen die weinig hebben meegemaakt, staan soms snel klaar met hun oordeel over anderen. Zo weinig compassie. Waarom is dat? Het is voor mij een vraag zonder antwoord.”

Zelf wil je 24 uur per dag aardig zijn, dat klinkt bijna onmenselijk. Hoe hou je dat vol?
“Pas toen ik dacht dat ik zou sterven, zag ik wat echt belangrijk is. Met de dood voor ogen ervaarde ik dat ik geen spijt had van materiële zaken die ik niet had. Ik had er spijt van dat ik niet aardig genoeg was geweest voor anderen, vooral voor mijn moeder. Ze is overleden toen ik gevangen zat. Ik heb in mijn doodsangst besloten dat ik altijd vriendelijk wil zijn. Wie geeft, ontvangt. Het is een cirkel van menselijkheid die ik nooit meer wil loslaten. Het leven verandert niet door rijkdom of status, maar door de keuze om elke dag aardig te zijn. Ik kies ervoor om iedere dag mijn best te doen om er de mooiste dag van te maken. Ik ga niet wachten tot morgen. En elke avond schrijf ik vijf dingen op waar ik dankbaar voor ben. Het maakt niet uit of het een perfect kopje koffie is of een glimlach op straat. Het brengt me positiviteit en veerkracht. En ondertussen bid en wacht ik tot mijn zoon me zal bezoeken…”
Je bent altijd blijven volharden in je geloof. Is je geloof in al die jaren veranderd?
“Religie wordt vaak misbruikt. Ik geloof dat we in de kern allemaal goede mensen zijn en dat geloven universeel is. Iedere cultuur kent een geloof. Wij mensen geven er een eigen vorm aan, een buitenkant. De mens maakt de religie. En daar verliezen we de verbinding. Er is niets islamitisch aan geweld, niets christelijks, niets boedistisch. Geloof wordt misbruikt om te polariseren. Maar er leiden vele wegen naar Allah. Moslim zijn betekent voor mij: een goed mens zijn. Ook voor jezelf, want alleen dan kun je goed zijn voor anderen.”
Je hebt je bewakers en ondervragers vergeven. Veel mensen vinden het al moeilijk om een vervelende collega te vergeven. Hoe werkt dat, vergeving als wapen?
“Ik ben geen held, ik werd gedwongen om hier doorheen te gaan. Aardig zijn en vergeven, waren mijn enige weg. Het is heel belangrijk om te begrijpen dat vergeving niet is bedoeld voor de daders, maar voor jezelf. Als je niet vergeeft, blijf je een slaaf van degene die je heeft vernederd. Je denkt dat de ander pijn heeft, terwijl je zelf het gif drinkt. Niemand kan je disrespecten zonder jouw toestemming. Het gaat er niet om wat anderen jou aandoen, maar je eigen reactie daarop. Die houd je gevangen. Eigenlijk was ik mentaal al vrij, terwijl ik fysiek nog vastzat.”